Embleem Titel Facebook

Stalkaarsen op de Pannenhoef

Etten-Leur: De Menmoerhoeve

Niet ver van de Menmoerhoeve ligt het ven de Lokker. Daar woonde eens een oude boer die werkelijk alles wist van de omgeving. De boswachter van de Pannenhoef ging graag naar de oude boer om naar zijn verhalen te luisteren. Deze sprak meerdere malen van de stalkaarsen die hij had gezien boven de Lokker.

"Kleine, maar felle vlammekes zijn het. De zieltjes van overleden kinderen zegt men". Zo sprak de boer en trok daarbij zijn borstelige wenkbrauwen op om zijn verhaal kracht bij te zetten. "Ze branden dichtbij de grond. Maar ge kunt ze niet naderen, ze blijven altijd op afstand. Dat is om oe te lokken... de moerassen in".

Keer op keer vertelde de oude boer dit verhaal. Zonder te weten waarom, sprak het de boswachter zeer tot zijn verbeelding. Diep in hem groeide het verlangen om eens deze wonderlijke lichtjes te mogen aanschouwen. Want zo de boer ze beschreef, moesten ze betoverend mooi zijn. Eenzaam op zijn kar reed hij naar huis en tuurde om zich heen in de hoop een glimp van deze dwaallichtjes, of stalkaarsen, op te kunnen vangen. Maar telkens werd hij teleurgesteld.

Toch werd het geduld van de boswachter in een goede nacht beloond. Het was dit keer laat geworden. Haastig nam hij afscheid en spoorde zijn paard aan tot een vlotte draf. Maar vlakbij de Lokker hield hij verschrikt in. Daar, boven het water van het ven bewoog traag een licht. Het ging heen en weer alsof er iemand met een lantaarn heen en weer slingerde. Was dit een mens die zijn dood tegemoet liep? Gelokt door de stalkaarsen?

Stalkaarsen op de Pannenhoef
"Daar, boven het water van het ven bewoog traag een licht."

iconLees verder. Klik hier voor het tweede deel van "Stalkaarsen op de Pannenhoef".


Vorige Volgende Terug